|
|
|
|
|
Heb geduld met gehoorgestoorde mensen. Van hen wordt permanent méér concentratie gevraagd om hun medemensen te begrijpen dan van normaalhorenden. Zij leggen zich maar al te vaak neer bij het niet-verstaan hebben van situaties. Vaak zijn de normaalhorenden in hun ongeduld geïrriteerd door telkens opnieuw te moeten herhalen. | |
|
Hou er rekening mee dat een hoortoestel niet een normaal gehoor creëert. Dus in geen enkel opzicht te vergelijken met een bril, waarbij het tekort van onze eigen ogen WEL volledig gekompenseerd wordt door aangepaste glazen | |
|
Luider praten helpt de gehoorgestoorde met een hoorapparaat niet. Praat op uw normale stemsterkte : de versterker van het hoortoestel doet de rest wel ! | |
Praat daarentegen wel LANGZAMER en ARTIKULEER duidelijk, evenwel zonder overdrijven. Gehoorgestoorden houden voortdurend de mond van de spreker in het oog : al te overdreven artikulatiebewegingen maken het liplezen moeilijker, en schaden bovendien het spontane gesprek. | |
|
Grote ruimten, gangen, ziekenhuiskamers, therapie-ruimten, kerken, tentoonstellingsruimten, enz. hebben een slechte akoestiek. De weergalmingseffekten worden door het hoortoestel zeer sterk geaccentueerd, ten koste van de spraakverstaanbaarheid. | |
Omgevingsgeluiden (muziek, keukengeluiden, gepraat, geritsel, enz;) worden mee versterkt door het hoortoestel, zodat een konversatie volgen haast niet mogelijk is. Voorbeeld: verwacht niet dat de gehoorgestoorde U zal horen wanneer U tijdens het binnenkomen reeds tot hem begint te praten. U wacht beter tot U vlak bij hem bent. Is er in de buurt een apparaat dat zelfs maar een licht geruis produceert, dan kan zelfs op korte afstand de verstaanbaarheid ernstig gestoord zijn. | |
Vraag eerst de aandacht van de gehoorgestoorde, en begin dan pas te praten. Onverwacht tot hem beginnen spreken zal enkel een zoveelste “ w a b l i e f “ uitlokken. | |
Praat bovendien enkel terwijl hij uw gelaat goed kan zien. Let er ook op niets in de mond te hebben (snoep, sigaret, bic….). | |
Laat de gehoorgestoorde niet tegen het licht in kijken (zon, lamp). Dit maakt het lipbeeld onduidelijk, en vermoeit onnodig de ogen. Wanneer u zelf tegen het licht in gaat zitten, wordt daarentegen uw gelaat extra verlicht, en duidelijker te volgen. | |
Blijf indachtig dat, ondanks het dragen van een hoortoestel, de gehoorgestoorde moeilijk blijft horen, en in heel wat omstandigheden heel wat last heeft van storende (versterkte) omgevingsgeluiden. Bij oudere mensen is het verwerken (begrijpen) van auditieve informatie veelal sowieso langzamer geworden. Hun tragere reaktie-tijden kunnen vaak ons spreektempo gewoon niet volgen. Hieraan kan het hoortoestel niets verhelpen. | |
Een goed aangepast hoortoestel kan pas optimale hulp bieden aan de gehoorgestoorde, wanneer de spreker geduldig en attentvol met de slechthorende omgaat. |
© Dr. M. Boedts