|
|
|
vestibulair onderzoek: Als de nystagmus bij BPPV typische perifeer vestibulaire kenmerken heeft (rotatoir, latentietijd, uitputbaar), is een vestibulair onderzoek niet strikt noodzakelijk. Het onderzoek wordt toch dikwijls gedaan om andere vestibulaire pathologie uit te sluiten, of wordt gedaan als de klachten blijven naslepen na uitvoeren van een repositiemaneuver en/of oefeningen. Het kan zowel voor als na behandeling worden gedaan. Het stellen van de diagnose van de ziekte van Menière stoelt ook op anamnese, en op audiometrie. Het vestibulair onderzoek is niet noodzakelijk voor het stellen van de diagnose (cfr guidelines AAOHNS), maar het kan toch wel interessant zijn als de diagnose niet duidelijk is of om de ziekte beter te catalogeren. Omdat het evenwichtssysteem bij dergelijke patienten fluctueert is het soms moeilijk om nog nuttige info uit het onderzoek te halen als de laatste aanval te lang voordien plaatsvond. Ideaal is als er maximum een halve week verstrijkt tussen de laatste aanval en het onderzoek. Voor neuronitis vestibularis (vestibulaire uitval) wordt het onderzoek best gedaan wanneer de patient het aankan, dwz wanneer de symptomen iets minder acuut maar toch nog duidelijk aanwezig zijn. Meestal is dat rond 3 dagen à 1 week na het optreden van de klachten. Als de centrale compensatie na verschillende weken toch niet volledig blijkt, kan een functionele evaluatie van het evenwicht worden gedaan, waarbij wordt bekeken welke bewegingen en situaties nog problemen geven, en dan specifieke oefeningen worden gegeven voor die situaties ('evenwichtstraining'). Na 2 à 3 weken wordt de evaluatie dan herhaald, tot de compensatie volledig is. De meeste patienten die een neuronitis doormaakten komen zelf tot een voldoende centrale compensatie, we doen deze training dan ook niet systematisch na elke neuronitis. Medicatie: stopzetten van alles wat de centrale banen onderdrukt, dwz slaapmiddelen, ouderwetse antihistaminica, Agyrax, Cinnarazine,....drie dagen voor het onderzoek. Betahistine kan gewoon verder worden genomen. __________
BERA wordt niet zoveel meer gebruikt: om neurinomen uit te sluiten (NMR is daarvoor efficiënter en betrouwbaarder), maar het onderzoek is wel zinvol om een twijfelachtige gehoordrempel met zekerheid vast te leggen, als er vermoeden is van neuro-vasculair conflict van de N. cochleovestibularis, ter vervanging van NMR bij mensen met claustrofobie. __________ Spraakaudiometrie, oto-acoustische emissies, Bekesy audiometrie... zijn meer specifiek bij bepaalde soorten gehoorverlies en/of tinnitus.
enkele links: (nog over stemvorkproeven beschrijving vestibulair onderzoekoverzicht onderzoeken in NKO |